“Wij willen ons werk kunnen doen”

Simon Heijens is jonge leerkracht, afgevaardigde bij ACOD Onderwijs en lijsttrekker bij PVDA Maasmechelen. Ook hij neemt deel aan de reactiedag op 10 oktober. Hij legt uit waarom dat belangrijk is.

Hoe heb jij het begin van je loopbaan in het onderwijs ervaren?

Dit is mijn vijfde schooljaar. Heel wat leerkrachten die tegelijk met mij begonnen zijn, hebben intussen het onderwijs al verlaten. Een vierde van de nieuwe leerkrachten haakt namelijk af binnen de vijf jaar. Ik ben eigenlijk met mijn gat in de boter gevallen. Van begin af aan heb ik altijd voltijds kunnen werken en sinds het tweede jaar dat ik lesgeef ook steeds op dezelfde school. Maar de realiteit is voor velen anders. Zij moeten verhuizen van school naar school, zich telkens inwerken in een nieuwe school, lessen maken die ze nog nooit gegeven hebben, … . De werkdruk en de stress kan dan heel hoog liggen terwijl ze nog steeds geen werkzekerheid hebben en daardoor nog steeds geen lening of huurcontract kunnen aangaan.

Onderwijsminister Crevits (CD&V) heeft van het begin duidelijk gemaakt dat ze een job in het onderwijs aantrekkelijker wil maken.

Wat mij opvalt, is de enorme kloof tussen wat Crevits in haar beleidsnota zegt en wat voorlopig gebeurd is. In die nota stelt ze dat ze de passie en de liefde voor het beroep wil versterken, dat ze wil werken aan aantrekkelijke arbeidsomstandigheden, een betere aanvangsbegeleiding voor startende leraren en voldoende aandacht voor taakbelasting en werkbaarheid. Maar die mooie woorden zijn voorlopig helemaal niet in praktijk gebracht. Want waar staan we drie jaar later? Een M-decreet dat op een volstrekt onrealistische manier wordt doorgeduwd, later en minder pensioen en dan eerder dit jaar ook nog het voorstel om leerkrachten in de tweede en derde graad meer te laten werken. Het loopbaanpact moet nog onderhandeld worden maar Crevits weigert voorlopig extra geld vrij te maken om de loopbaan van de leerkracht aantrekkelijker te maken.

Hoe wordt dit in de leraarskamer ervaren?

Ik geef nog niet lang genoeg les om te kunnen zeggen 'hoe het vroeger was'. Ik zou zeggen dat lesgeven enerzijds plezant kan zijn maar tegelijkertijd stresserend. En dat de gemiddelde leerkracht toch veel meer uren klopt dan ik vermoedde toen ik zelf nog niet lesgaf. Maar de jongste studie van de SERV (Sociaal Economische Raad Vlaanderen) over de werkbaarheid is vrij alarmerend voor de onderwijssector. Er zijn meer werkstressklachten, meer motivatieproblemen en meer problemen rond de balans privé-werk. Het aandeel personeelsleden dat aankijkt tegen een hoge werkdruk steeg in de afgelopen drie jaar van 28% naar 37%. Ook de emotionele belasting wordt voor steeds meer mensen problematischer, dit steeg van 30% naar 35%.

Waarom neem je deel aan de reactiedag?

Wij willen een degelijke verloning en pensioen, maar wij willen ook simpelweg ons werk kunnen doen. En ik vermoed dat dit voor velen bij de openbare diensten een belangrijke bezorgdheid is. De eisen die we op tafel leggen, zijn voor een groot deel zaken die noodzakelijk zijn om fatsoenlijk les te kunnen geven. Ik sprak enkele weken geleden met een kleuterleidster die een groep had van 28 kleuters. Als er eentje ziek werd, had ze daar soms al haar handen mee vol. Ondertussen is ze wel nog verantwoordelijk voor 27 andere kleuters. Maar ook als ze allemaal gezond zijn, hoe kan je 28 kleuters allemaal voldoende aandacht geven? Kleinere klassen vragen we dus, maar dat niet alleen. In het secundair onderwijs is vaak veel te weinig ondersteuning om alle jongeren de nodige zorg te geven. In een onderwijs waarin niet genoeg geïnvesteerd wordt, zijn het in de eerste plaats de meest kwetsbare leerlingen die uit de boot vallen. Voor hen is nu vaak nog te weinig ruimte voor extra zorg en begeleiding. Wij vragen daar meer middelen voor.

En dan zijn er nog regelingen nodig om het beroep werkbaar te maken in het begin en op het einde van de loopbaan. Voor jonge leraars zou er een garantie moeten komen op werk- en inkomenszekerheid. Bijvoorbeeld door de oprichting van een regionale vervangingspool die aan werklozen met een vereist lerarendiploma gedurende een volledig schooljaar hun salaris garandeert. Deze leerkrachten zouden dan vervangingen doen binnen een bepaalde regio en tussen twee vervangingen ingeschakeld worden als co-teacher of voor andere pedagogische taken in een ankerschool.

Maar belangrijk is ook de solidariteit met de andere sectoren. De openbare diensten liggen zo goed als allemaal onder vuur. De post, De Lijn, het spoor, onderwijs, … overal wordt de dienstverlening afgebouwd samen met de arbeidsvoorwaarden en in verschillende sectoren dreigen er privatiseringen.

Op welke manier neem jij deel aan de reactiedag op 10 oktober?

Ik ben tot 10u lesvrij, waardoor ik actie kan voeren aan de sluis in Hasselt, samen met de andere sectoren van de ACOD. Later op de dag zal ik op mijn school infomomenten organiseren en flyeren.