Laat treinen én trams rijden over bestaande treinsporen

De verkeersellende in Limburg neemt toe. De files worden alsmaar langer. Bij gebrek aan alternatief neemt de meerderheid van de Limburgers de auto voor dagelijkse verplaatsingen. Tegelijk zit elke investering in het openbaar vervoer in onze provincie muurvast. In samenwerking met Willy Miermans, docent verkeerskunde aan de UHasselt, werkte PVDA een mobiliteitsplan uit voor Limburg.

Driekwart van de Limburgers gebruikt dagelijks de auto, zowel voor woon-werkverkeer als voor andere dagelijkse verplaatsingen binnen de provincie. Niet uit luxe, wel uit noodzaak. Het openbaar vervoer biedt vandaag geen alternatief voor de meeste Limburgers. “De regering antwoordt op het fileleed met meer asfalt en minder openbaar vervoer. De aanleg van extra rijstroken wordt gecombineerd met gigantische besparingen bij de NMBS, tariefverhogingen voor trein en bus en een verschraling van het aanbod bij De Lijn. Het Spartacusproject, dat de provincie op de openbaarvervoerkaart moest zetten, zit in het slop. Het plan werd op twaalf jaar tijd steeds minder ambitieus. De kosten swingen de pan uit door de absurde idee om naast de bestaande spoorlijnen nieuwe sneltramlijnen te trekken”, aldus De Witte.

Om zowel de pendelaar als de lokale reiziger een alternatief voor de auto te bieden, pleit de PVDA voor een combinatie van trein en sneltram op hetzelfde spoor. Het gaat om lightrailverbindingen die op de bestaande treinsporen kunnen rijden. “We kijken voor dit systeem van dubbel gebruik van de sporen naar Karlsruhe in Duitsland. Daar is op twintig jaar tijd het aantal reizigers spectaculair toenemen door de snelle verbindingen tussen knooppunten”, vervolgt De Witte.

“Voor dit plan hoeven nauwelijks nieuwe sporen aangelegd. Het grootste deel van de sporen of de spoorbeddingen ligt er al [zie bijgevoegd kaartje]. Door de bestaande spoorlijnen te gebruiken spaar je heel wat kosten uit. Het systeem laat toe snelle treinen te laten rijden die grote steden binnen en buiten de provincie verbinden. Zo zijn pendelende studenten en werknemers snel op hun school of werk. Tegelijkertijd kunnen op dezelfde sporen flexibele en frequente sneltrams rijden die snel kunnen stoppen in alle kleinere steden en gemeenten. Door voldoende zijsporen aan te leggen, kunnen de treinen de trams voorbijsteken. Zo zijn ook inwoners die op en af reizen naar het dichtstbijzijnde ziekenhuis, de middelbare of hogeschool, een winkelcentrum, de bioscoop, met de tram snel ter plaatse”, legt Kim De Witte uit.

Niet alleen met een sterk uitgebouwd openbaarvervoersnetwerk, maar ook met een ander woonbeleid lossen we het groeiende probleem van mobiliteit in Limburg op. Wonen in de stad is voor veel Limburgers onbetaalbaar. Bijgevolg vestigen jonge koppels zich nog steeds op goedkopere locaties in minder stedelijke gebieden, verder van het centrum. Die locaties zijn slecht bereikbaar met het openbaar vervoer. Nochtans is in het dorps- of stadscentrum wonen maatschappelijk en ecologisch goedkoper. “Maak wonen in de stads- en dorpscentra weer een keuze voor iedereen door te investeren in betaalbare woningen. Vandaag gebeurt het tegenovergestelde: aan lofts en dure residenties in onze centrumsteden geen gebrek, aan betaalbare woningen des te meer”.

“Tot slot hebben we nood aan een betere planning van de grotere voorzieningen zoals scholen, ziekenhuizen, universiteiten, overheidsgebouwen en bedrijventerreinen. Bouw die naast de grote openbaarvervoerslijnen. Bij elk bouwplan of bouwproject moeten we in eerste instantie de openbaarvervoerkaart bestuderen zodat gebouwd wordt op basis van bereikbaarheid met het openbaar vervoer, niet op basis van autobereikbaarheid zoals tot nu toe het geval is”, besluit De Witte.

Bekijk hier het volledige mobiliteitsplan van PVDA Limburg.

 

 

Verbinding 1: Hasselt-Maastricht. Tussen Hasselt en Beverst is er een spoorlijn die nog gebruikt wordt. Tussen Beverst en Lanaken ligt een spoor dat met beperkte kost vernieuwd kan worden. Tussen Lanaken en Maastricht ligt een spoor dat recent vernieuwd werd.

Verbinding 2: Hasselt-Maasmechelen-Maaseik. Het spoor tussen Hasselt en Maasmechelen ligt er al, maar momenteel stoppen de treinen in Winterslag. Tussen Maaseik en Maasmechelen kan een nieuw spoor worden aangelegd.

Verbinding 3: Hasselt-Neerpelt. Het spoor tussen Hasselt en Houthalen ligt er al, evenals het spoor tussen Eksel (Kleine Brogel) en Neerpelt. Wat nieuw moet aangelegd worden, is een spoor tussen Houthalen en Eksel.